Je zult er waarschijnlijk niet als eerste aan denken, maar één van de belangrijkste principes om goed te kunnen bewegen is ontspanning. Vanuit een ontspannen houding, zowel fysiek als psychisch, kun je flexibel, vlug en makkelijk handelen. Soms wordt ontspannen bewegen door een leek geïnterpreteerd als zacht of soft maar er zit een hoge mate van effectiviteit in zeker als ze samensmelt met snelheid en scherpte.  Elke beweging in Wado is gekoppeld aan het principe van San-mi ittai ( 3 in 1 ):

  • Ten I, verandering van lichaamspositie of verplaatsing,
  • Ten Tai, verandering van lichaamshouding geïniteerd vanuit de heupen,
  • Ten Gi, applicatie van de bijbehorende techniek waardoor de beweging zijn eindvorm krijgt. Afhankelijk van de applicatie kan een variatie aan bewegingen of voetposities worden gecreërd ( Jiro Ohtsuka )

704 - kopie(6)San-mi ittai is niet alleen voorbehouden aan een verdedigende actie, binnen welke kumitevorm dan ook. Het principe geldt ook voor kata of wanneer je start met kihon en opent met hidari junzuki. Vanuit shizentaidachi wordt het zwaartepunt naar voren verplaatst in junzuki dachi (Ten-I), op het moment dat de linkervoet de juiste afstand gaat bereiken, wordt de heup ingezet en draait het bovenlichaam mee (Ten-Tai) ter ondersteuning van de stoot (Ten-Gi). Het samenvallen van deze drie componenten dus ashi – te – hara op één het hetzelfde moment is San-mi Ittai.  Dit komt perfect tot uiting in bijvoorbeeld kihon kumite ipponme. Vanuit hamni kamae reageer je op de eerste jodan tsuki aanval door in de aanvalslijn mee te bewegen met een kleine okuri ashi (Ten-I), tijdens de verplaatsing je lichaam te twisten vanuit de heupen (Ten-Tai) en de aanval te absorberen met jodan nagashi harai uke (Ten-Gi). Sugasawa sensei gebruikt regelmatig het Engelse woord skimming letterlijk vertaalt als afromen of afschuimen.  Aanvallen worden binnen Wado nooit met kracht geblokt maar in een vloeiende meegaande beweging geneutraliseerd:

  • Nagasu – ontwijken, de aanval ondervindt geen weerstand en wordt ontweken met een verplaatsing waarbij vaak met een hand wordt gepareerd,
  • Inasu – sturen en/of verlengen, de aanval wordt van richting veranderd en soms verlengd waardoor de aanvaller uit zijn centrum wordt gehaald op hetzelfde moment dat de tegenaanval plaats vindt,
  • Noru – rijden, de aanval wordt als het ware ‘vastgezet’ of onderschept.

Timing en strategie.

Met het ontwikkelen  van kihon kumite en kumitegata  ging Ohtsuka sensei uit van de drie basisstrategieën in het Budo namelijk: Go no Sen, Sensen no Sen en Sen ( Ohstuka spreekt zelf van Sente ) . In Go no Sen gebruik je de tactiek om de tegenstander te laten aanvallen. Je gebruikt zijn aanval om de situatie om te buigen in jouw voordeel door een succesvolle tegenaanval te plaatsen. Bij Sensen no Sen plaatsen jij en je tegenstander tegelijk een aanval, echter jouw timing zorgt ervoor dat je net iets eerder bent om je tegenstander vóór te zijn.  In het kader van het principe Sen zijn zowel jij als je tegenstander klaar om aan te vallen maar neem je zelf het initiatief om als eerste aan te vallen en ben je de tegenstander voor.

De drie verschillende strategieën werkte Ohtsuka sensei uit in een matrix. Eerst bepaalde hij het niveau van de aanval namelijk jodan, chudan en gedan. Vervolgens analyseerde hij de verdediging (nagashi – irimi) aan de binnen of buitenzijde en tenslotte in welke positie namelijk allebei rechtsvoor aihamni of de tegenstander linksvoor in gyakuhamni. Zo ontstond in een matrix van 36 oefeningen kihon kumite en kumite gata. De ervaringen opgedaan tijdens zijn trainingen op de universiteit en 6 jaar in de hombu-dojo met Ohtsuka sensei en de 2e grootmeester Hironori Ohtsuka sensei II verwerkte Sugasawa sensei middels het Shikukai syllabus in de opbouw naar kumitegata. Om het meest rendement te halen uit je training wijst Sugasawa sensei op de volgende punten :

  • Mudana Ugoki – gebruik geen overbodige bewegingen,
  • Mudana Waza – gebruik geen overbodige technieken,
  • Mudana Chikara – gebruik geen onnodige kracht,
  • Itsuku – geestelijke fixatie op één punt dient vermeden te worden,
  • Okori taru tokoro – de startsnelheid en inzet van de technieken vanuit de heupen verdient evenveel aandacht als het einde van welke techniek dan ook.

Het belang van de laatste twee punten dient nogmaals te worden onderstreept omdat dit alles zegt over het uitvoeren van een techniek. Bij een basistechniek als ayumi ashi junzuki is de verleiding groot om de focus te leggen in één voorwaartse beweging van energie voor meer impact. Echter de focus ligt in het midden bij het juiste gebruik van de heupen en de verplaatsing te koppelen aan de lichaamsrotatie als één gebalanceerd geheel. De terugtrekkende hand en het voetenwerk verdienen evenveel aandacht als de stoot om zo te komen tot een gebalanceerde gecoördineerde beweging ( zie sugasawa sensei interview ).

Kumite.

Voordat je toe bent aan het beoefenen van kihon kumite & kumitegata begin je eerst in het Shikukai syllabus met ippon en sanbon kumite. Een voorbeeld zie je hieronder ter illustratie. Alleen de eindbeweging staat op de foto en zijn op dezelfde plek geschoten. De verplaatsingen en de principes waar deze oefening om draait kun je dus niet precies op een foto zien. In de oefening herken je jodan gaiwan uchi nagashi uke uit pinan shodan. Als je er vanuit gaat dat dit het thema is waar deze sanbon kumite om draait, is jou karatetraining zeer oppervlakkig en zie je het grotere geheel niet. Het gaat er namelijk niet om of het een junzuki jodan of gaiwan uke is om dit maar als voorbeeld te gebruiken. Waar het wél om gaat is dat er een aantal essentiële punten zijn die de oefening zijn essentie geven namelijk :

  • Ma – timing,
  • Ma-ai – de afstand in de oefening,
  • Mikiri – de reach afstand van je tegenstander en jouw positie tegenover je tegenstander tijdens jouw eindtechniek,
  • Metsuke – het overzien van het totale plaatje in plaats van alleen je tegenstander,
  • Zanshin – alertheid / scherpte,
  • Verplaatsen – ashi sabaki / tai sabaki / san mi ittai dosa,
  • Seichusen – het controleren van de middenlijn, zowel die van jezelf als van je tegenstander,
  • Ademhaling, spierspanning/ontspanning

matrixBen jij in staat om je kihon met partner te demonstreren? De sanbonkumite’s lenen zich namelijk uitstekend voor het oefenen en toepassen van diverse kihontechnieken in combinatie met de juiste basisstand junzuki-dachi. Ongeacht wat je ook met je bovenlichaam doet:

  • Staat je voorste knie recht boven je voet en kun je je tenen nog zien?
  • Wijzen zowel je voorste voet als knie recht allebei recht naar voren ?
  • Klopt de breedte en lengte van je stand ? namelijk 1 en 3 soku cho – voetmaat,
  • Is het kontaktgevoel aan de vloer in junzukidachi met beide voeten hetzelfde of is er meer druk op de voorste voet ?
  • Is je achterste knie ontspannen of is ‘ie overstrekt en staat ‘ie op slot ?
  • Heeft je achterste hiel ( ook tijdens het verplaatsen ! ) contact met de vloer ?
  • Sta je rechtop of sta je onbewust achter/voorover bv bij jodan nagashi uke ?

Als de stand in orde is en je maakt een techniek bijvoorbeeld junzuki chudan;

  • Is er dan een heuprotatie als initiator van je techniek of doe je alleen maar iets met je armen ?
  • Krijgen gyaku no koshi en hikite evenveel aandacht als jun no koshi en tsukite ?
  • Is bij het starten van je junzuki je aandacht aan de pinkzijde en binnenkant van je arm ?
  • Eindigen tsukite en hikite op dezelfde hoogte ?
  • Eindigd tsukite in de middenlijn ipv de schouderlijn?

Met bovenstaande 20 punten zit dus meer in een ‘simpele’ sanbon kumite dan je zo op het eerste oog zou vermoeden. Naast het trainen van junzuki-dachi komen de standen shiko-dachi, gyakuzuki-dachi, shomen (ook wel mami no nekoashi genoemd ) en mahamni no nekoashi-dachi met hun eigen specifieke kenmerken regelmatig terug in deze oefenvormen. Ten slotte wordt tijdens de oefening de juiste Budo ettiquete (reishiki) in acht genomen:

  • Aan het begin van de oefening staan beide karateka in musubi dachi,
  • Rei – groeten,
  • Vanuit musubi dachi stap je daarna in shizentai dachi en worden de vuisten ontspannen gesloten,
  • Ukemi stapt altijd naar voren, torimi blijft in shizentai of stapt gelijktijdig naar achteren in hamni kamae ( afhankelijk van welk type oefening )
  • Na de oefening komen beide karateka weer terug op de oorspronkelijke plaats in musubi dachi,
  • Pas als je klaar bent met de oefeningen groet je af, tussendoor is niet nodig.